artikel

Back to basics: Dataloggen in de klas

Werkplaats & Onderhoud Premium 1375

Dataloggen, wat is het en waarin verschilt het van een scoopmeting? Docent Toon Bertens neemt je mee naar zijn Niveau 4-klas en laat het zien aan de hand van een storing bij de meting van de motortemperatuur. Waarschuwing vooraf: in de klas van Toon moet je ook zelf aan de slag…

Back to basics: Dataloggen in de klas

Dat dataloggen een goede meting is bij storingzoeken, is bekend. Veel diagnosetesters hebben hiervoor al een functie opgenomen, waarbij de tester een grafiek wegschrijft van de vooraf gekozen waarden. Er zijn al fabrikanten bezig met dataloggen op afstand en dat zal zich verder uitbreiden. Het uitlezen van meetgegevens op afstand is een voordeel ten opzichte van een scoopmeting, omdat je bij een scoopmeting altijd het voertuig bij je moet hebben. Nog een voordeel van dataloggen ten opzichte van een scoopmeting is dat je de gegevens kan zien die gemeten zijn over langere afstand.

Storing in motortemperatuurcircuit

De motortemperatuur daalt ineens naar 5,4 °C. De injectietijd reageert niet op die korte storing.

Bij de meting die hier besproken wordt, wilde een leerling uit de opleiding technisch specialist gaan kijken hoe lang het duurde voordat de koelvloeistof op temperatuur was. Het eerste wat ze moeten doen als er een tester aangesloten wordt, is de storingscodes uitlezen. Daarbij viel op dat in de modus ‘wachtkamer storingen’ een code werd weergegeven die aangaf dat er een storing zat in het motortemperatuurcircuit, maar tijdens rijden merkte de bestuurder daar helemaal niets van. In het logbestand is ook terug te zien dat het motormanagement op deze korte storing nauwelijks of niet reageert voor wat betreft de injectietijd. De storingscodes werden gewist en het dataloggen kon worden geactiveerd.

Verder denken

Dat wegvallen van de motortemperatuur is maar een heel kort moment, waardoor dit moeilijk te zien is met de scoop. Daarbij komt dat je de scoop op een langere tijdsbasis zet, als je de opwarmperiode zou willen zien, en dan komt zo’n korte piek niet of nauwelijks in beeld. In de praktijk zal de motortemperatuursensor preventief vervangen worden, om de klant te behoeden voor grotere problemen. Maar of dat dan ook daadwerkelijk lukt… Bij de opleiding technisch specialist leren we een storing te beredeneren. Dat wordt gedaan omdat je verder moet kunnen denken dan dat de diagnosetester geprogrammeerd is.

Grafiek ontstaan uit de meetgegevens van het dataloggen. Je ziet dat de motortemperatuur soms wegvalt naar een veel lagere waarde.

Want stel dat er een situatie voorkomt dat de diagnosetester geen communicatie kan krijgen, of dat de tester je op het verkeerde been zet met diverse storingen? Vandaar dat we elke storing moeten kunnen verklaren, en in dit geval is de vraag: “Wat is hier nu aan de hand bij deze storing? Gaat het hier om een kortsluiting of gaat het om een onderbroken circuit?”

Terug naar de basis

Vrijwel elke temperatuursensor is een NTC, dus ook hier wordt gebruik gemaakt van een NTC. Dat betekent dat als de motortemperatuur oploopt, de weerstand van de sensor naar beneden gaat. In dat geval neemt de spanning over de sensor ten opzichte van massa af. En nu terug naar de vraag wat de storing is bij dit voertuig.

• De temperatuur valt ineens naar een lage waarde.
• De weerstand van de sensor wordt dus hoog.

Bij dataloggen kijk je rechtstreeks naar de meetwaarden in de computer. In dit geval UNTC.

Dat duidt op een onderbreking in het circuit van de temperatuursensor. Omdat bij dataloggen rechtstreeks naar de meetwaarden in de computer (UNTC) gekeken wordt, moet je bedenken dat de onderbreking vanaf dat punt (UNTC) kan zitten. Dus ook de contacten van regeleenheid en stekkerverbinding op de regeleenheid. Het zal niet de eerste keer zijn dat een stekkerpennetje wordt teruggedrukt bij het monteren van de regeleenheid.

Aan de slag!

Tot slot komt de vraag aan de studenten: “Hoe zou het beeld eruit zien, als je toch met een scoop gemeten zou hebben?” Immers, voordat je gaat meten, moet je weten wat je kunt verwachten.

De opdracht volgt: “Maak in het lege scoopbeeld op de laatste afbeelding de vertaalslag van de gelogde motortemperatuur (rode lijn in afbeelding erboven) naar de spanning die gemeten zou worden over de sensor.

• Loopt het signaal op, of loopt het signaal af?
• Piekt het signaal nu naar boven of juist naar beneden?

Teken de spanning in die je met de scoop zou meten over de temperatuursensor. Loopt het signaal
op, of loopt het signaal af? Piekt het signaal nu naar boven of juist naar beneden?

Stop hier!

Wil je terug naar de klas van Toon en de antwoorden op die vragen zelf beredeneren? Stop dan hier met lezen, en ga aan de slag! Wil je je antwoorden controleren of kom je er niet
uit? Lees dan verder.

Met de scoop zou je de spanning over de temperatuursensor meten. Terwijl de motortemperatuur oploopt, wordt de weerstand en daarmee het spanningsverschil over de sensor kleiner. Op de scoop zie je dan dus een aflopende grafiek. Daarmee is de eerste vraag beantwoord.

Maar dan de piek, gaat die naar boven of naar beneden? Dat hangt er vanaf waar je meet met de scoop. Basisregel: bij een sensor meet je op de regeleenheid, bij een actuator op de actuator. In dit geval meten we dus de spanningsval tussen de regeleenheid en massa. Tijdens de storing komt er een grote weerstand bij in dit stukje van de stroomkring. Dus neemt het een veel groter deel van het spanningsverschil tussen de 5 V en massa voor zijn rekening. Dat geeft een piek naar boven. Maar zou je, om wat voor reden dan ook, op de sensor meten, en de overgangsweerstand zit op de aansluiting aan de regeleenheid, dan gaat de piek naar beneden.

Hé psst, het goede antwoord. Verdiepingsvraag: Maar wat doet de piek als je op de sensor meet?

Reageer op dit artikel