nieuws

Shell Eco-marathon een Nederlands succes

Techniek

Vier dagen lang stond Rotterdam in het teken van de 28e zuinigheidswedstrijd voor studenten van Shell. Twee Nederlandse teams kwamen aan de top van hun klasse, maar over het geheel deden Nederlandse deelnemers het stukken beter bij eerdere Eco-marathons op circuits. Nu en ook de komende twee jaar speelt het op Rotterdamse straten, dat is ook een Nederlands succes.

Shell Eco-marathon een Nederlands succes

Even voor de duidelijkheid, er zijn nu jaarlijks drie Shell Eco-marathons. In Europa reed men tot nog toe op circuits, eerst in Frankrijk (Nogaro) en daarna in Duitsland (Lausitzring). Voor het eerst werd nu gereden op normale straten. Er is later een Amerikaanse variant bijgekomen, dit jaar gehouden op een stratencircuit in Houston. De ook toegevoegde Aziatische uitvoering zal plaatsvinden op het Sepang GP-circuit in Maleisië.

Veel belangstelling met Het Lab

Op en rond het terrein van de Ahoy hallen zette Shell niet alleen een baan uit voor de deelnemers, maar ook attracties voor bezoekers. Geassisteerd door Michelin, al sinds 25 jaar bandenpartner van de Eco-marathon, en Linde die waterstof voor de deelnemers levert. In Het Lab serveerden ze stikstof-gekoelde mini-ijsjes voor bezoekers.

In het groots opgezette Lab liet Shell van alles zien wat te maken heeft met energiewinning en energieverbruik. Vooral jongeren vonden allerlei voorlichting en zelfdoen-experimentjes zeer interessant.

Bezoekers mochten bijna volledig vrij rondkijken tussen de Eco-marathon deelnemers, zo’n 200 teams uit 24 landen. In het centrum van Rotterdam, in plaats van op een afgelegen circuit. Dat trekt dus meer belangstelling voor Shell en allerlei sponsors. Een succes, waarbij al vastligt dat in 2013 en 2014 de Europese Shell Eco-marathon in Rotterdam blijft.

Geen records, zoals verwacht

De coureurs toonden zich niet ongelukkig met de overschakeling van circuit naar straat. Al kan geen van de studenten uit eigen ervaring van voorgaande jaren spreken, de teams wisselen natuurlijk elk jaar van samenstelling.

“De haakse bochten zijn best goed te doen”, horen we bij het HAN Hydromotive team. Aan de andere kant meldt Michelin dat er dit jaar wel wat lekke banden zijn, van afval op straat. Zelf zien we dat hobbels en kuilen in het asfalt de voertuigen wat parten spelen.

Het zat er ook niet in dat (op circuits gevestigde) records verbroken gingen worden. Het bezoekersrecord, misschien? Nog altijd staat de topprestatie van het Franse team Polyjoule dat in 2010 met hun prototype omgerekend 4896 km/liter benzine reed.

Hetzelfde team was er nu weer bij, met een verbeterde versie van hetzelfde voertuig. Maar in Rotterdam reikte de beste score niet hoger dan in 2010.

Thuisteams met wisselend succes

Zeven teams uit Nederland lieten een geldig resultaat afdrukken, waarbij twee klassewinnaars. Maar ja, als in de klasse ‘prototypes op GTL diesel’ twee voertuigen meedoen, beide uit Nederland, is de overwinning bij voorbaat zeker.

Waarmee we zeker niet willen zeggen dat ROC Ter Aa uit Helmond met hun prototype geen mooie prestatie neerzette, met 416 km/l. Het Green Team Twente van de Universiteit in Enschede liet vier klassegenoten achter zich, en reed met hun Urban Concept op brandstofcel 75 km/kWh (omgerekend rond 650 km/l benzine).

Erg veel klassen

Ooit won het Haagse team The HydroCruisers de Urban Cruiser-klasse meermaals. Deze keer slaagden ze er niet in een geldige run te maken. Net zo min als het HAN Hydromotive team, beide teams ook in de Urban Concept klasse met waterstof brandstofcel.

Zo waren er veel meer teams, Nederlands en buitenlands, die geen probleemloze ronde met officieel gemeten resultaat wisten te maken. Het liefst zou Shell kennelijk ook elk team een prijs uitreiken, als we zien hoeveel klassen er nu zijn met alle verschillende energiebronnen in prototype- en Urban Cruiser-versie.

Ach, misschien was het ook een leer-ervaring, om te wennen aan straatomstandigheden die een heel eigen rijstrategie vereisen. En misschien een aangepast voertuig. Volgend jaar weer een kans in Rotterdam.

Peter Fokker (Redactie AMT)

Reageer op dit artikel