artikel

Directe benzine-inspuiting en roetuitstoot (2004-06)

Techniek Premium

Directe injectie bij benzinemotoren is in opkomst. Je leest er eigenlijk alleen maar positieve berichten over, maar is het niet zo dat deze directe injectie voor meer uitstoot van kleine deeltjes (roet?) zorgt wat het milieu geen goed doet? Klopt deze bewering en zo ja, hoe komt dit?

U heeft gelijk: er ontstaan roetdeeltjes bij direct ingespoten benzinemotoren. Onder bepaalde condities is de verbranding van de benzine onvolledig en wordt er roet gevormd. We kennen dat verschijnsel van de walmende kaars, van dieselmotoren en oudere benzinemotoren met een ‘choke’. Bij DI-benzinemotoren raakt een deel van de brandstofstraal de zuigerbodem. Daarbij dooft de verbranding gedeeltelijk en er ontstaat roet.

Er is onder bepaalde condities ook te weinig tijd om alle brandstofdeeltjes te laten reageren met de zuurstof uit de lucht. Kleinere druppeltjes verdampen sneller, vandaar de steeds hogere inspuitdrukken en kleinere inspuitopeningen. Daardoor wordt er fijner verstoven. Maar er is nog steeds tijd nodig voor de verdamping en menging met de lucht.

Naast deze twee problemen speelt ook de gasbeweging in de cilinder een belangrijke rol. Ruwweg kun je zeggen dat wat goed is bij deellast niet goed is bij vollast en omgekeerd. Kijk maar eens naar de vorm van de zuigerbodem bij een armmengsel direct ingespoten benzinemotor of één die met lambda = 1 werkt.

Zelfs VW en Audi zijn afgestapt van de armmengsel uitvoering mede omdat de juiste brandstof wereldwijd niet overal verkrijgbaar is. De speciale deNOx-katalysator vraagt namelijk om zwavelvrije benzine. Maar afgezien daarvan, blijkt het brandstofverbruik in de praktijk van alledag lang niet zo fraai als de cijfers gemeten over de Europese rijcyclus doen vermoeden. Het milieuvoordeel van de DI-benzinemotor moet dan ook niet worden overdreven.

Reageer op dit artikel