artikel

EU verandert klimaat in autobranche: Wat betekent dat voor de werkplaats?

Ondernemen Premium 934

Bijna is het zover dat de Europese Unie definitieve regels stelt voor de toegestane CO2-uitstoot van lichte voertuigen na 2020. Het parlement heeft gesproken. Een omwenteling in de autobranche lijkt verplicht te worden, met verstrekkende gevolgen. Het klimaat op aarde mag niet te veel veranderen, dat in de autobranche moet wel flink op de schop. Wat wil de EU?

EU verandert klimaat in autobranche: Wat betekent dat voor de werkplaats?
Op weg naar heel andere autotechniek, neem deze BMW i3 als voorbeeld: elektromotor, aluminium in het chassis, koolstofvezel op grote schaal.

Diepe zorgen over klimaatverandering leiden tot ingrijpende plannen om het tij te keren. Noem het gerust vanzelfsprekend dat het autoverkeer daarop aangesproken wordt. Ook omdat de bestaande emissieregelingen in 2020 aflopen, en er dus nieuwe moeten komen.

De Europese Commissie werkte een voorstel uit. Daarin staat dat vooral de CO2-uitstoot (dus het brandstofverbruik) van alle wegverkeer flink omlaag moet. Het Europarlement wilde daar nog een schep bovenop, toen in oktober het commissievoorstel behandeld werd.

Zodra een aangepast voorstel netjes is uitgewerkt kan het al op korte termijn afgekondigd worden als Europese regeling, die vanaf 2020 en 2030 eisen neerlegt voor personen- en bestelwagens.

De EU becijfert dat in 2020 tegenover 2007 een besparing van 40 % bereikt wordt

Grote stappen in zuinigheid

Er staat voor CO2-uitstoot al een doel dat in 2021 bereikt moet zijn bij lichte voertuigen. Op basis van NEDC-meting, een vlootgemiddelde per merk van 95 g/km voor personenauto’s, en 147 g/km voor bestellers. Ruwweg zullen om dat voorschrift te halen nieuwe personenauto’s nu nog 20 % zuiniger moeten worden, en bestellers 10 % zuiniger.

Na 2020 zal de nieuwe WLTP-test, aangevuld met RDE-test op de weg, bepalend worden voor emissieresultaten ten behoeve van typekeuring. NEDC wordt afgeschaft, WLTP geeft hogere emissiewaarden. Daarom is besloten om na 2020 geen nieuwe grens in grammen per kilometer in te stellen, maar in procenten.

Op basis van de gemeten WLTP-waarden voor CO2 in 2020 zal het vlootgemiddelde voor alle lichte voertuigen in vijf jaar met 20 % omlaag moeten, en weer vijf jaar verder 40 % lager moeten zijn. Dat maakte het Europees parlement ervan, de commissie stelde 15 en 30 % reductie voor.

Fabrikanten worden uitgedaagd de kopersmarkt te overtuigen

Techniekneutraal?

Na 2020 nog eens 40 % besparen is geen geringe opgaaf, want hoe verder je verbetert, hoe moeilijker om nog wat te winnen. Officieel zijn Europese regels techniekneutraal. Je bent niet verplicht elektrische auto’s te gaan bouwen.

Wel gaan de regels een doel stellen welk aandeel lage-emissie auto’s een merk moet afzetten. Dat kan nul-emissie zijn met elektro-auto’s op batterij of brandstofcel, of 0-50 g/km modellen zoals plug-in hybrides. Streef-aandeel vanaf 2025: 20 %, vanaf 2030 35 %. Een merk dat procentueel meer afzet zou voor zijn hele verkochte vloot een hogere CO2-limiet verdienen.

In de praktijk wordt dus puur of plug-in elektrisch rijden sterk gestimuleerd. In die zin dat het aan autofabrikanten is om kopers daarvoor warm te krijgen. Dat is meer commercieel dan technisch neutraal: zie zelf maar, autobouwer, hoe je een flink aandeel lage-emissie auto’s verkocht krijgt.

Plug-in auto’s die onder 50 g/km CO2 blijven, rekent de EU na 2020 ook nog goed. Maar onder de WLTP-test blijkt het nog niet zo makkelijk als in NEDC om beneden 50 gram uit te komen.

Om- en bijscholing

Zelfs vertegenwoordigers van werknemersorganisaties gingen zich zorgen maken. De voorgestelde regels zouden een enorme omwenteling in de autobranche kunnen veroorzaken. Van een heel andere manier om auto’s te bouwen en onderhouden, tot misschien drastisch lagere autoproductie of fabrieken die verouderd raken en moeten sluiten.

Het gaat om miljoenen banen, van fabrikanten en toeleveranciers tot aan garagebedrijven. Daarom werd wat aan de plannen toegevoegd. Omscholen van eventueel in de autobranche overbodig geraakt personeel, en bijscholen voor nieuwe technieken van hen die in de autobranche blijven moet bevorderd worden.

Kunnen we mooi de boetes voor gebruiken die autofabrikanten krijgen als ze de nieuwe doelen niet halen, zegt artikel 8. Die boetes zouden € 95 per gram teveel CO2 op elke verkochte auto moeten zijn.

Kunnen we mooi de boetes voor gebruiken die autofabrikanten krijgen als ze de nieuwe doelen niet halen, zegt artikel 8

Realistisch verbruikslabel

Het Europarlement wil nog meer. Eind volgend jaar moet er een voorstel liggen voor labeling op nieuwe auto’s, met een zo realistisch mogelijk verbruiks/CO2-cijfer. Overwogen wordt of ook bestelauto’s zo’n label moeten krijgen. Verder zou er vanaf 2023 een RDE-test voor brandstofverbruik moeten komen. Want WLTP is nog steeds uit een laboratorium, geen praktijkmeting.

Nog fantastischer, autofabrikanten moeten vanaf 2025 een CO2-balans over de levenscyclus van auto’s bij de EU inleveren. Dus over het hele traject van fabricage, gebruik en sloop. Realistisch gemeten verbruik en CO2-balans voor elk type auto zou openbaar voor het publiek moeten zijn. Daar kunnen kopers dan rekening mee houden bij de keuze van een auto.

Er zijn door experts mooie rekensommen gemaakt, hoeveel duurder zo’n heel zuinige auto zou zijn, en hoeveel je bespaart op brandstof. De consument zou na dik honderd jaar autobezit eindelijk moeten leren rekenen in TCO, total cost of ownership, in plaats van catalogusprijs. Dat lijkt toch wel een beetje op toewerken naar het gewenste antwoord: elektrisch rijden is uiteindelijk goedkoper, al is de auto duur in aanschaf.

De EU realiseert zich dat een overstap naar elektrisch rijden banen kan kosten, en zeker om- en bijscholing voor automotive personeel noodzakelijk zal maken. Ook tot in de garagewerkplaats.

 

 

Autobranche onder druk

Kortom, de komende zes jaar moeten enorme stappen zijn gezet. Het is tenslotte al bijna 2019. Zonder op veel grotere schaal elektrisch rijden, in wat voor vorm dan ook, komen we er niet. Dat leidt tot andere auto’s, met andere techniek, ander onderhoud dat andere kennis en gereedschap vraagt.

Welke autofabrikanten tijdig de juiste omschakeling weten te maken is een vraag. Kan best zijn dat sommige merken veel groter en andere veel kleiner worden. In 2023 zou de Europese Commissie moeten beoordelen hoe het loopt met de gewenste omwenteling. Waaronder ook aanleg van laadpunten en tankstations voor alternatieve brandstoffen.

Zelfs staat beschreven dat gekeken moet worden wat de gevolgen zijn voor lager betaalde bevolkingsgroepen. Ofwel, kunnen die autorijden nog betalen, worden ze niet beperkt in hun verplaatsingsmogelijkheden?

Dat leidt tot andere auto’s, met andere techniek en ander onderhoud dat andere kennis en ander gereedschap vraagt

Natuurlijk worden de auto’s van nu niet binnen tien jaar allemaal vervangen door elektromobielen. Maar binnen tien jaar zal toch elk autobedrijf te maken krijgen met elektrische aandrijving. En de druk blijft groot om met een jaar of vijfentwintig alle benzine- en dieselauto’s uit te bannen. “De Commissie wordt opgeroepen te zorgen dat na 2030 het tempo van CO2-uitstootverlaging niet afneemt”, staat ook in de nieuwe regeling.

 

Reageer op dit artikel