artikel

AOC, APS, GHS, Heijl, PrimaParts, Rijsbergen en Veam heten nu Fource, belangrijk?

Werkplaats & Onderhoud 2751

Je las het al op AMT.nl, Sator en zijn grossiers AOC, APS, GHS, Heijl, PrimaParts, Rijsbergen en Veam gaan verder onder de naam Fource. Goed om te weten, maar wat heeft het autobedrijf daaraan?

AOC, APS, GHS, Heijl, PrimaParts, Rijsbergen en Veam heten nu Fource, belangrijk?
Heeft Fource landelijke dekking? Zeker. En Fource maakt deel uit van LKQ. Dat concern heeft dekking in grote delen van Noord Amerika en Europa.

“In april 2014 namen we onze vijf grootste klanten over”, zegt verkoopdirecteur Johan van der Hoeven van Fource. “Daarna zijn we gaan werken aan het harmoniseren van die bedrijven.” Wat dat inhoudt? “We hebben heel veel gedaan, van de veiligheid in magazijnen tot het standaardiseren van processen en van het gelijktrekken van de websites tot het opleiden van medewerkers.”

Oog voor mensen

Medewerkers. Voor hen is zo’n harmonisatieproces niet altijd makkelijk, legt Van der Hoeven uit: “Ineens werk je voor een andere werkgever. Dat geeft altijd onzekerheid: ‘Er gaan dingen veranderen, wat betekent dat voor mij? Blijft mijn baan? En kan ik straks nog wel de dingen doen die dit werk voor mij zo aantrekkelijk maken?’”

Van der Hoeven is trots op de manier waarop dit proces verlopen is: “Dit is een people’s business. Wij zullen altijd oog hebben voor het belang van onze medewerkers.”

Nu, ruim vijf jaar na de overnames is de harmonisatie zo goed als voltooid: “De laatste stap in dat proces is de naam”, zegt Van der Hoeven. “We gaan nu verder als één bedrijf met één naam: Fource.”

Lokaal blijven

Dat biedt het bedrijf tal van voordelen: “Denk alleen al aan universele reclame-uitingen”. Maar Van der Hoeven ziet ook een mogelijk nadeel: “We moeten er voor waken dat het lokale gevoel in onze grossiersbedrijven niet verdwijnt.” Om dat te voorkomen heeft Fource zijn grossiersbedrijven opgedeeld in zeven regio’s. “De ondernemers in die regio’s zijn verantwoordelijk voor het lokale karakter van de bedrijven. Niet voor het lokale beleid”, zegt Van der Hoeven er nadrukkelijk bij.

Fource exclusieve merken

Fource heeft vertrouwen in de kwaliteit van zijn eigen merken en durft daarom drie jaar garantie te geven.

Megamarktaandeel

Inmiddels is Fource een erg machtige partij geworden in de automotive aftersales. Van der Hoeven noemt wat cijfers: “De markt in onderdelen, olie en vloeistoffen en banden kun je opdelen in OE (de dealers) en de onafhankelijke aftermarket (IAM). Beide zijn in omzet ongeveer even groot, zo’n 1,3 à 1,4 miljard euro per jaar. In die IAM heeft Fource een marktaandeel van bijna 45 %.”

What’s in it for het autobedrijf?

Allemaal goed nieuws voor Fource, maar wat koopt het onafhankelijk autobedrijf daarvoor? “Dat mag erop rekenen dat wij elke dag ons stinkende best doen om hen zes keer per dag te beleveren met een compleet assortiment aan onderdelen, gereedschap en equipment. Bovendien staan wij klaar met trainingen, die het autobedrijf in staat stellen om de snelle ontwikkelingen in de wereld om hen heen bij te houden.” Die trainingen moeten we zien als een investering van Fource om het autobedrijf daarbij te helpen want: “Denk niet dat Automotive Academy voor ons een verdienmodel is.”

Eigen merken

Kortom: “Wij helpen ondernemers.” In dat verband vraagt Van der Hoeven ook aandacht voor de eigenmerk-onderdelen van Fource: “Zo noem ik ze liever niet, het zijn onze exclusieve merken.” Natuurlijk kennen we Romax uitlaten, maar daar zijn de laatste jaren tal van merken bijgekomen: Eicher remdelen, Hitec remhydrauliek, Q-drive achterassen, wiellagers en homokineten, Transmech koppelingen, Anschler luchtvering, hoofdveren, schokbrekers en montagesets, Starline stuurdelen, HP+ waterpompen(sets), Turbojetzt turbo’s, Messmer starters & dynamo’s, ERA elektronische delen, Neglin verlichting, Nipparts rem-, stuur- en ophangingsdelen.” Eigenlijk hoort Viking banden er ook bij, want: “Intersprint levert die nu exclusief aan Fource.”

Drie jaar garantie

Al die eigen mer… eh, exclusieve merken zijn in het voordeel van het autobedrijf, claimt Van der Hoeven: “Voor een Golfje IV kun je kiezen voor nieuwe Monroe-dempers, maar die kosten je 200, terwijl het Anschler alternatief je maar 125 kost. En omdat we overtuigd zijn van de kwaliteit van onze ‘unieke merk-onderdelen’ geven we drie jaar garantie.”

 

Reageer op dit artikel