nieuws

Rotatiemotor op lucht: kansrijk of niet?

Techniek

Rotatiemotor op lucht: kansrijk of niet?

Meermaals besteedden we aandacht aan het Franse MDI, dat bijzondere zuigermotoren uitwerkte die op luchtdruk draaien. Ook de Australische Engineair-rotatiemotor werkt op lucht. Is dit een veelbelovend concept voor de toekomst? Maak kennis met de Engineair-rotatiemotor…

De Engineair-motor werd ontworpen door een Italiaan. De basis zou liggen bij de eertijdse Wankelmotor-ontwikkeling van Mercedes. Het is dus geen uitvinding van een amateur.

Als pas afgestudeerd ingenieur zou Angelo Di Pietro in 1969 en ’70 meegewerkt hebben aan de Mercedes C 111-studie, waarbij in 1971 een streep werd gezet onder de rotatiemotor-experimenten.

Dertig jaar denkwerk

Hierop emigreerde de pas 21-jarige Di Pietro naar Australië. Hij zette een ingenieursbureau op, en broedde nog een jaar of vijfentwintig op een nieuw soort rotatiemotor. Waarbij hij kennelijk in 1997 de juiste inval kreeg, die tot de Engineair-motor leidde.

Die heeft in de verte iets van een Wankelmotor, met een excentrisch rondslingerende rotor. Najaar 2000 startte het bedrijf Engineair om de ontwikkeling serieus op te pakken. Blijkbaar was rond 2003 een definitief product klaar. De markthallen van Melbourne wilden wel proberen of deze luchtmotor iets was voor hun intern transport-karren.

In 2006 werd voor de pers een vergelijking uitgevoerd tussen Di Pietro’s rotatieluchtmotor, en de Franse zuigerluchtmotor van MDI. Daar kwam de Engineair-motor beter uit, een uitslag die MDI zwaar bekritiseerde. Waarna MDI het jaar daarop interesse van Tata Motors kreeg.

Elegante simpelheid

MDI en Engineair bouwden diverse voertuigen met hun luchtmotoren, als demonstrators. Maar verder is het nauwelijks gekomen. Bij Engineair is geen recent nieuws, MDI heeft alleen als proef een aantal Airpod-wagentjes voor gebruik buiten de openbare weg kunnen afzetten.

Het idee van de Engineair-motor intrigeert wel, het ziet er mooi simpel uit. Het komt erop neer dat een ringvormige rotor langs de wanden van een groter ringvormig huis slingert. Dat huis is voorzien van zes kantelbare schotjes, die tegen de rotor aanliggen. Zo ontstaan zes luchtkamers.

Door perslucht in die kamers te laten wordt de rotor weggedrukt. Binnen op de rotor rust met twee rollen een soort krukwang, op een uitgaande as die niet in het middelpunt van de rotor ligt. Door wegdrukken van de rotor gaat die krukas draaien, hij dwingt de rotor tot een slingerbeweging rond de ashartlijn.

Op de uitgaande as zit een slimme regelschijf die het in- en uitlaten van lucht stuurt. Regeling van de motor gebeurt extern, door de druk van de toegevoerde lucht aan te passen.

Nu nog een goede luchtcompressor

Di Pietro is uiterst spaarzaam met details, hoe zijn motor precies in elkaar steekt, en wat hij presteert. Het enige cijfer is dat 0,07 bar luchtdruk al genoeg zou zijn om de inwendige weerstand van de motor te overwinnen. De rotor loopt op een dun luchtlaagje langs het huis, maar raakt dit niet, vandaar weinig inwendige wrijving.

De schotjes die de luchtkamers vormen kantelen kennelijk elk rondom een eigen asje. Het lijkt wel op de deuren van onze stormvloedkeringen, die op een hele lange arm zitten. Vermoedelijk zorgt de luchtdruk dat deze ‘kanteldeuren’ permanent tegen de rotor gedrukt worden.

Maar niets over het expansierendement, of drukverlies langs de schotjes, of het slijtagegedrag van op elkaar lopende schotjes en rotor. Het idee zou zijn een uiterst compacte luchtmotor vlak naast elk aan te drijven wiel te plaatsen. Maar niets over vermogen of koppel van de getoonde motor, niets over liters of kilogrammen motoromvang per kilowatt.

Daarbij komt hetzelfde bezwaar dat de MDI-luchtmotor hindert. Je hebt om te beginnen druklucht nodig, dus een compressor. En lucht comprimeren is weinig efficiënt, je verliest daarbij veel warmte, en hebt een krachtbron nodig die brandstof verbruikt.

Mijl op zeven, om met brandstof of stroom lucht op te persen, en daarmee dan een auto aan te drijven. Efficiënter om direct een automotor met brandstof of stroom te voeden. Perslucht werkt prima voor gereedschap, maar niet als autobrandstof.

Peter Fokker (Redactie Auto & Motor TECHNIEK)

Video: Ingenieur Angelo Di Pietro werkt al sinds de eeuwwisseling aan zijn Engineair-motor.

Reageer op dit artikel