artikel

Zelf schakelen of automatisch? (2007-10)

Techniek Premium

Zelf schakelen of automatisch? (2007-10)

Ik ben in het bezit van een Renault Modus 1.6 met automaat. Deze viertrapsautomaat kun je ook met de hand schakelen. Wat levert een lager verbruik op: zelf schakelen of de automaat zijn werk laten doen? Als ik zelf schakel doe ik dat tussen de 2000 en 2500 toeren, als de automaat schakelt gebeurt dat bij een hoger toerental.

Waar het bij zuinig rijden om gaat, is zowel de motor als de transmissie zo efficiënt mogelijk te gebruiken. Bij een motor is het verbruik bij een bepaald vermogen het laagst als de gemiddelde effectieve druk het hoogst is. In de praktijk komt dit neer op het draaien met het laagste toerental waarbij het benodigd vermogen wordt geleverd. Net als bij een dieselmotor is dan ook bij een ottomotor de inlaat ongesmoord, de gasklep staat open.

Het is alleen met een continu variabele transmissie (CVT) mogelijk het bovenstaande uit te voeren. Elke andere transmissie is immers voorzien van een aantal overbrengingen of trappen. Hoe meer overbrengingsverhoudingen, hoe beter de aanpassing, maar echt optimaal is het niet.

Verliezen

Helaas is er geen voordeel zonder nadeel. Elke transmissie zorgt voor verliezen, ook tijdens het veranderen van de overbrengingsverhouding. Het minste verlies treedt op bij een ‘gewone’ handgeschakelde bak. Vandaar dat er in Europa zoveel 5- of 6-versnellingsbakken zijn. Het verlies in een moderne CVT, waarbij de klemkracht van de schijven elektronisch wordt aangepast aan het over te brengen koppel, is (veel) lager dan bij een puur mechanisch geregeld systeem.

Bij een meertrapsautomaat met planetaire overbrengingen treedt er tijdens het rijden met een bepaalde rijsnelheid een geringer verlies op dan tijdens het schakelen. De slippende koppelingen en remmen zetten het vermogensverlies om in warmte. Dat geldt ook voor de dubbelkoppelingsbakken van VW en Audi. Dat is, heel beknopt, het raamwerk waarbinnen we rijden.

Koppelomvormer

Het wegrijden is een aparte zaak. Elke droge koppeling zorgt voor minder verlies dan een natte koppeling. Het grootste verlies treedt op bij een hydraulische koppelomvormer. Komen we in fileverkeer terecht, dan zal het verbruik van een auto met een transmissie die voorzien is van een koppelomvormer snel toenemen als er telkens weer wordt gestopt en opgetrokken.

Een niet genoemd punt is het comfort. Een automatisch werkende koppeling en dito schakeling zorgen voor ontspannen (file)rijden. Het zoeken naar een optimaal compromis tussen al deze eisen en wensen is nog steeds in volle gang. De autofabrikant heeft als grootste zorg het voldoen aan de emissie- en verbruikseisen zoals die over een nagebootste stads-, buitenweg- en snelwegrit (de zogenoemde rijcyclus) worden gemeten.

Fluwelen voet

Wat uw vraag betreft, kan het volgende worden gezegd. Hoe rustiger u het gaspedaal bedient, des te minder brandstof is er nodig. Hoe minder u de koppelomvormer gebruikt, des te beter. Gelet op de genoemde rijcyclus zal het moeilijk zijn om het verbruik handmatig lager te krijgen dan in de automaatstand, want de autofabrikant heeft het optimum al voor u bepaald.

Al met al levert een fluwelen voet op het gaspedaal het laagste verbruik op. Dat geldt zowel bij het wegrijden als tijdens het rijden. Hoe constanter de rijsnelheid blijft, des te lager het verbruik.

Reageer op dit artikel