artikel

Lightyear One is geland

Techniek 4346

Lightyear One is geland
Daar is-ie dan, de Lightyear One als prototype onthuld.

Met een professionele show werd de eerste complete Lightyear One zonnewagen gepresenteerd. Bijna in definitieve versie, zoals die volgend jaar in productie moet gaan. Een droomproject van een team ex-techniekstudenten krijgt vaste voet op aarde. Maar waarom zouden we een elektrische auto op zonnecellen willen?

Een mooie uitdaging voor het studententeam van TU Eindhoven: met hun Stella Lux de Cruiser klasse van de World Solar Challenge racen door Australië en winnen. Dat was een zonnewagen met passagiersruimte, maar toch een wedstrijdauto. Daarvan wilden ze graag een echte gebruiksauto maken. Je moet maar durven, hiervoor een startup bedrijf oprichten en het écht gaan doen.

Lex Hoefsloot, een van de oprichters, blijkt zowel dromer als realist. In twee jaar is een compleet Lightyear One prototype ontwikkeld, dat dit jaar verder door alle tests moet voor een typegoedkeur. Volgend jaar zouden de eerste 500 Lightyears voor klanten gebouwd worden. Waarna in 2021 productie op grotere schaal start.

Zal de generatie van de toekomst milieuneutraal elektrisch rijden op zonkracht?

Klimaatneutraal en zorgenvrij

Bij de presentatie legt Lex Hoefsloot nog eens uit waarom een zonnecel-auto heel zinvol is, als elektrische auto’s op batterij in steeds meer soorten en aantallen al de markt bestormen. “Een elektrische auto is pas echt klimaatneutraal als hij alleen op groene stroom rijdt. Om daarvoor genoeg groene stroom beschikbaar te krijgen wordt een gigantische opgaaf.”

Daarnaast moet het publiek goed bediend zijn met een elektrische auto, zodat ze die willen hebben. “Nog altijd is er de zorg dat je niet ver genoeg komt op een acculading, dat er niet genoeg laadpunten zijn. Daarom is direct gebruik van zonne-energie een uitkomst. Volledig klimaatneutraal, en je bent niet meer zo afhankelijk van laadpunten.”

De Solar Challenge toonde wat er mogelijk was, realisme gebiedt om een batterijpakket in te zetten dat ook stekker-oplaadbaar is. Dat is het idee achter de Lightyear One.

Zo begon het, met de Stella Lux van de TU/Eindhoven die hier in 2015 de World Solar Challenge wint.

Van Stella Lux naar Lightyear One

Eind vorig jaar bezochten we de nieuwe fabriek in Helmond waar de Lightyears zullen ontstaan, en konden we het chassis zien. Nu dan de hele auto, waarvan de lijn ontstond in samenwerking met het Italiaanse Granstudio van ontwerper Lowie Vermeersch (ex-Pininfarina).

Hoewel er veel meer praktische eisen zijn voor een productieauto werd het ontwerp net zo benaderd als bij de wedstrijdwagen Stella Lux. Zo licht en efficiënt als het maar kan, want ook hele goede zonnecellen leveren een beperkt vermogen.

Anderzijds ontstaat een kringloop. Batterijen zijn zwaar, met een licht en efficiënt ontwerp hoeven ze minder capaciteit te hebben. Zo wordt je weer lichter en efficiënter. Dan kan je onderstel ook weer lichter, als het minder hoeft te dragen. En je kunt toe met minder motorvermogen, dus lichtere motoren.

In ‘exploded view’ de wielophanging, schijfrem en vloeistofgekoelde naafmotor. De wielen zijn van buiten vlak en gesloten voor betere stroomlijn, het ventiel zit aan de binnenzijde van het wiel!

De eerste cijfers

Zo zagen we een aluminium onderstel, met daaraan vier onafhankelijk met dubbele triangels opgehangen wielen, alle voorzien van een ingebouwde motor. Daarop dan nu een koolstofvezel carrosserie, met op de neus en het dak vijf vierkante meter extra efficiënte zonnecellen onder veiligheidsglas.

De ruim vijf meter lange carrosserie heeft een uiterst gunstige Cw-waarde onder 0,20, dus weinig luchtweerstand. Doel is een tot 1000 kg gereduceerd gewicht, “maar daar zijn we nog niet helemaal” geeft Chief Technology Arno van der Ham toe. Een beetje doorvragen leert dat de wielnaafmotoren 20 kW kunnen leveren. In tien seconden van 0 naar 100 km/h moet kunnen, en met een top van 160 km/h kom je vlot genoeg uit de voeten.

Wat iedereen vooral wil weten is het energieverbruik. Hoewel er nog geen definitieve specificaties zijn krijgen we cijfers. “In WLTP hebben we 725 km rijbereik. Bij de ongunstigste omstandigheden altijd nog 400 km. Gemiddeld genomen zal het 800 km zijn. Op de zonnecellen kun je 10.000 tot 20.000 km per jaar rijden.”

‘Over tien tot vijftien jaar kunnen zonnecel-auto’s gemeengoed worden’

 

Nu te bestellen

Aan een stopcontact thuis kun je in een nacht 400 km bereik bijladen. Snelladen aan 60 kW levert in een half uur 300 km rijbereik. “Tijdens een werkdag lang parkeren leveren de zonnecellen al gauw 50 km rijbereik op.”

Hoeveel kWh er in het accupakket kan blijft vaag. Wel openbaar is dat de Lightyear One in de WLTP test 83 Wh/km verbruikt, en dat de zonnecellen per uur voor 12 km rijden energie leveren. Nog wat praktische zaken: je hebt in de lange staart 780 liter bagageruimte, de Lightyear One kreeg 20 cm bodemvrijheid zodat je offroad kunt rijden. Er is tenslotte ook vierwielaandrijving.

Wat je niet hebt is een achterruit of een binnenspiegel. Voor betere stroomlijn heb je ook geen buitenspiegels, maar camera’s. Als dat mag op een nieuwe Mercedes Actros truck, dan moet het hier ook mogen.

De eerste honderd Lightyear Ones zijn al gereserveerd, ook LeasePlan plaatste een bestelling. Dus is er een leasetarief: € 1879 per maand. Op de volgende 400 Lightyears kan nu ingeschreven worden, ze kosten € 149.000 inclusief belasting.

Ziet er best goed uit, valt niet onmiddellijk op dat de hele bovenkant van de Lightyear bestaat uit zonnecellen, waaraan ook een achterruit is opgeofferd.

Toekomstvisie

Nog relatief goedkoop, voor zo’n exclusief en high-tech product. “Ik denk dat de prijs niet meer zo’n rol speelt wanneer we auto’s anders gaan gebruiken. Langer met een auto doen, autodelen, dan worden de gebruikskosten veel belangrijker dan de aanschaf. Bij ons zullen de gebruikskosten zeer laag zijn”, zegt Lex Hoefsloot.

Er is nog niet voorzien in uitrusting voor autonoom rijden, dat zou de auto duurder maken. Op termijn ziet Lightyear dat wel komen, in het verlengde van autodelen. Als de Lightyear One meer belangstelling krijgt en de productie groeit zal hij goedkoper worden. “En dan kunnen we met kleinere en goedkopere modellen uitbreiden.” Het begin is er, in elk geval.

Reageer op dit artikel