artikel

Thema telematica: Particulier heeft nog geen zin in EOBD-dongel

Werkplaats & Onderhoud 4957

In de truckbranche is het al heel gewoon en veel nieuwe personenauto’s doen het ook: onderweg de werkplaats op de hoogte houden van hun conditie. Met een plug-in op de EOBD-aansluiting kunnen oudere auto’s dat ook. Wat zien de aanbieders in de EOBD-dongel? Zien zij wel toekomst voor de telematica-plug-in?

Thema telematica: Particulier heeft nog geen zin in EOBD-dongel
Kijk, dat is het idee: een EOBD plug-in als monteur die altijd met de klant meerijdt. Maar wil de klant dat eigenlijk wel?

Auto’s die na 31 maart 2018 nieuw op de Europese markt verschijnen, moeten in geval van nood zelf 112 bellen. Tja, en als zo’n auto dan toch ‘emergency Call’ (eCall) aan boord heeft, waarom dan niet meteen sCall (service) en bCall (breakdown)? Met andere woorden, loopt het service-interval op zijn einde? De auto heeft het al doorgegeven aan de dealer.

Zo kan die de klant bellen voor een afspraak in plaats van andersom. Een storing onderweg? De dealer kent de foutcode al. Hij kan op afstand beslissen of het verantwoord is door te rijden, of dat hij de klant moet adviseren langs te komen. En als de klant gestrand is door de storing kan hij een vervangend onderdeel meenemen als hij op weg gaat om de klant te hulp te schieten.

Facebook, Instagram en bankieren zijn veel belangrijker dan de auto-app

Net zo bang als de consument

Tot zover nieuwe auto’s. Ook oudere auto’s zijn te connecten met het autobedrijf. Een op de EOBD aangesloten plug-in geeft de voertuigdata door. Dat kan via een SIM-kaart in de plug-in of doordat de plug-in via Bluetooth met de smartphone van de automobilist verbonden is.

In AMT 3 van 2016 gaven we een overzicht van de plug-ins die op deze manier bestaande auto’s connected maakten. De reacties van onze lezers in het openingsartikel van dit Thema maken duidelijk dat die plug-ins tot dusver geen onverdeeld succes zijn.

Als we bellen met Fource, Nederlands grootste auto-onderdelenleverancier én het bedrijf achter de MijnGarage Plug-in, geeft ontwikkelaar Thijs Leentvaar dat ook onomwonden toe. Hij wijst allereerst op het privacy-aspect: “Vertrouwen komt te voet en gaat te paard.” Leentvaar wijst op het incident met de Bosch Drivelog Connector dongel.

Vertrouwen komt te voet en gaat te paard

In april van dit jaar slaagden onderzoekers er in die te kraken. Zo konden ze op afstand de motor afzetten van een auto die ermee was uitgerust. Die veiligheid van de data speelt ook bij de Launch Golo-plug-in een rol, vertelt Ben van de Kerkhof van AA-Equipment: “Launch past op dit moment de software aan. Niet alleen moet het product de automobilist meer gaan bieden, ook de veiligheid wordt verbeterd. Tot die betere software er is, zijn wij even gestopt met de verkoop.”

Volgens Thijs Leentvaar heeft de Mijn Garage-plug-in zelf geen veiligheidsprobleem: “Wij zijn daar altijd net zo bang voor geweest als de consument. Daarom kun je met de Mijn Garage-plug-in niet schrijven, hij kan dus geen opdrachten geven aan de auto. Hij kan alleen registreren.”

Wel of geen eigen SIM

Maar ook dat registreren maakt angstig. ‘Wat gebeurt er met mijn data?’, vragen consumenten zich af. ‘Wie kunnen er allemaal over beschikken?’ Leentvaar: “De Mijn Garage-plug-in heeft geen eigen SIM-kaart.

Leuk zo’n app op je telefoon die laat zien hoe je auto ervoor staat. “Maar zelfs de officiële VW Connect-app gooien mensen gewoon van hun telefoon als ze hem opschonen”, weet Thijs Leentvaar van Fource.

Leuk zo’n app op je telefoon die laat zien hoe je auto ervoor staat. “Maar zelfs de officiële VW Connect-app gooien mensen gewoon van hun telefoon als ze hem opschonen”, weet Thijs Leentvaar van Fource.

De data gaan via een app op de smartphone van de berijder. En die kan in de app en in zijn instellingen aangeven of de app data mag doorsturen naar het autobedrijf. We hebben klanten die ‘m uit laten staan. Pas als er een probleem is met hun auto, zetten ze hem aan, is de redenatie.”

Leuke dingetjes voor de bestuurder

En dan is er nog iets dat de ontwikkelaars van dit soort apps inmiddels geleerd hebben. Leentvaar: “De app op de smartphone biedt de automobilist allerlei leuke dingetjes. Hij kan zien waar zijn auto staat, zijn ritten registreren, hij kan zijn brandstofverbruik bijhouden en nog veel meer.

We weten inmiddels dat de meeste mensen dat alleen de eerste dagen leuk vinden. Facebook, Instagram en bankieren zijn veel belangrijker dan de auto-app. Daar winnen wij niet van. Zelfs de officiële VW Connect-app gooien mensen gewoon van hun telefoon als ze hem opschonen.”

Lekstroom

Leentvaar wijst ook op andere problemen: “Eigenlijk is de EOBD-poort voor iets heel anders gemaakt.” Wie even googlelt, begrijpt wat hij bedoelt.

De ANWB biedt al sinds 2015 een EOBD-dongel. Op diverse fora zijn reacties uit te vinden van automobilisten die te maken kregen met een lege accu na installatie van de dongel.Een forumlid legt uit hoe dat komt: “De ANWB-dongel is een externe stekker die stroom nodig heeft om te zenden.

De poort waar de dongel in gaat, is enkel gemaakt om de auto uit te lezen bij onderhoud, niet om permanent een stekker in te steken die stroom lekt.” Die problemen schijnen inmiddels opgelost te zijn in een tweede versie van ANWB’s Connected Car Dongel. Die is bovendien stukken goedkoper.

Kostte de eerst in 2015 nog € 149,-, de huidige kost ANWB-leden nog maar € 50,-. Wel geldt daarbovenop nog steeds een maandelijks tarief van € 5,-. De Consumentenbond zegt daarvan: “Ook het huidige prijsniveau vinden we best hoog, en het is de vraag of het je genoeg oplevert voor deze prijs.”

Besparen met je dongel

Ook de Mijn Garage-plug-in is niet gratis. Consumenten moeten er € 79,95 voor betalen. Daarbovenop een maandelijks bedrag is niet nodig, de plug-in beschikt immers niet over een eigen SIM-kaart. Wel geeft, afhankelijk van de instellingen, de smartphone data door via 3G of 4G, wat natuurlijk ook geld kost. “Al gaat dat om maar een hele kleine hoeveelheid data”, verzekert Leentvaar.

De ANWB-plug-in beloont veilig rijgedrag met een lagere verzekeringspremie. Dat scoort wel: al 11.000 deelnemers.

De ANWB-plug-in beloont veilig rijgedrag met een lagere verzekeringspremie. Dat scoort wel: al 11.000 deelnemers.

Overigens kent Leentvaar ook succesvolle EOBD-dongels: “Een bedrijf in Italië heeft er inmiddels vier miljoen verkocht. De enige reden? De dongel geeft rijgedrag door en daarmee krijgt de automobilist korting op de verzekeringspremie.”

Nu ook in Nederland

Sinds een jaar doet de ANWB precies hetzelfde met een tweede dongel die de wielrijdersbond inmiddels op de markt bracht. Die dongel hoort bij de Veilig Rijden Autoverzekering.

Aan de hand van vier aspecten: Snelheid, Bochten, Remmen en Optrekken, berekent het algoritme achter dit systeem een veiligrijdenscore. Hoe hoger die score, hoe groter de korting op de autoverzekering. En die dongel slaat wel aan. De ANWB claimt al 11.000 deelnemers te hebben.

Woordvoerder Ad Vonk legt uit waarom de ANWB dit doet: “Deze dongel levert een bijdrage aan de verkeersveiligheid, hij verbetert de hulpverlening van de ANWB én hij is goed voor de portemonnee van de leden.”

Dongel voor het autobedrijf

De portemonnee, dus. Ook het bedrijf Multianalyzer, met de gelijknamige Multianalyzer-dongel heeft dat begrepen. Deze dongel is bedoeld om het autobedrijf in staat te stellen zelf de touwtjes in handen te houden. De Multianalyzer heeft een eigen SIM-kaart, waarmee hij foutcodes en gereden kilometers doorgeeft aan het autobedrijf.

€ 99,- per jaar. Is dat veel, is dat weinig?

Multianalyzer beschouwt zijn plug-in niet als een consumentenproduct, maar zuiver als een product voor het autobedrijf. Dat hoeft immers niet meer te wachten tot de klant belt, maar kan zelf proactief contact opnemen. Tja, en dus moet het autobedrijf ook voor de kosten opdraaien, € 99,- per jaar.

Is dat veel, is dat weinig? Gemiddeld is een personenautokenteken goed voor een dikke € 500,- werkplaatsomzet per jaar. Twintig procent daarvan klinkt als best veel. Tenzij je de klant anders niet had, natuurlijk.

App zonder plug-in

Ondertussen geeft Fource zijn pogingen om van de Mijn Garage-plug-in een succes te maken nog niet op. Leentvaar: “Binnenkort starten we een nieuwe campagne. Daarbij gaan we ons niet meer richten op de connected car, maar op de connected customer.”

iGarage houdt niet de auto, maar wel de klant connected.

iGarage houdt niet de auto, maar wel de klant connected.

Leentvaar legt niet uit wat hij daar precies mee bedoelt. Als we het willen weten, moeten we misschien bij iGarage kijken. “iGarage heeft een tool waarmee garagebedrijven hun klanten connected maken”, legt Örjan Frikkee uit namens dat bedrijf. “Dat doen we met een app, het Autopaspoort.

Beter rendement en meer tevreden klanten

Het Autopaspoort kent door koppelingen met databases, maar vooral door input van de monteur, de huidige status van het voertuig. iGarage geeft op basis van deze input een forecast af van het te verwachten onderhoud. Dat geeft de klant inzicht in te verwachten kosten en het autobedrijf een proactieve tool om de klant te informeren.”

Bijkomend voordeel: “iGarage heeft voor de garage een digitale checklist ontwikkeld die ervoor zorgt dat het serviceproces volgens een vast protocol uitgevoerd wordt. Het werkplaats proces wordt hierdoor completer, dus beter, uitgevoerd. Dat geeft een beter rendement en meer tevreden klanten. Omdat alle reparatie- en onderhoudswerkzaamheden in het systeem worden vastgelegd, is duidelijk wanneer welke toekomstige onderhoudsactiviteiten nodig zijn. Zo kan het autobedrijf de klant tijdig informeren en via de koppeling met het garagemanagementsysteem een afspraak inplannen.”

Als we Frikkee mogen geloven, slaat dit systeem zonder plug-in, maar met een autopaspoort op de smartphone, beter aan: “Op dit moment zitten er 216 bedrijven in het netwerk en draaien we pilots met Profile Car & Tyre service en AutoFirst. Er zijn inmiddels een kleine 8.000 Autopaspoorten actief.

Betere waterpomp dankzij big data

Terwijl het voor universele bedrijven niet meevalt om klanten te verleiden hun autogegevens te delen, gaat dat bij dealers vrijwel vanzelf. “Als je bijvoorbeeld een nieuwe BMW koopt, teken je ervoor dat je voertuigdata gebruikt mogen worden”, zegt Thijs Leentvaar van Fource. Daarmee komt de data in handen van de dealer, die gemakkelijker het onderhoud naar zich toetrekt.

“Veel autobedrijven denken nog heel klassiek”, weet leentvaar. “Ze vertrouwen erop dat de APK-mailing de klanten wel de werkplaats intrekt. Maar kijk naar de supermarkt met zijn klantenkaarten. Die verraden precies wat je hoe vaak, hoe veel en in combinatie met wat koopt. Big data is daar alles. Wat daar de klantenkaart is, is voor onze branche telematica.”

Een mooi voorbeeld daarvan zagen we onlangs bij een bezoek aan het gigantische researchcentrum van Bosch in het Duitse Renningen. Ook daar bestaat een afdeling big data. In opdracht van BMW onderzocht die afdeling de belasting op de waterpomp van een veelgebruikt motortype. Dat gebeurde aan de hand van de gegevens die 500.000 verkochte voertuigen in de afgelopen jaren aan BMW doorgaven. Daaruit bleek dat het gemiddelde belastingprofiel minder zwaar was dan BMW had aangenomen toen de waterpomp ontwikkeld werd. Op basis van deze gegevens kon de pomp daarna lichter, en dus goedkoper, worden uitgevoerd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels