artikel

Techniek van Toen: Auto zonder wielen in 1958

Techniek 1268

Thema banden en bandenequipment, bijna was het overbodig geweest. In AMT 7 van 1958 verdiepte AMT-redacteur Han Bouvy zich namelijk in de wielloze auto. En hij niet alleen, in Amerika werd op dat moment door researchafdelingen van verschillende autofabrieken onderzoek gedaan naar de wielloze auto.

Techniek van Toen: Auto zonder wielen in 1958
R&D afdelingen van diverse autofabrieken in Amerika onderzochten in 1958 de mogelijkheid tot wielloze auto's.

In het artikel van destijds noteert Bouvy: “In Amerika zijn op het ogenblik de researchafdelingen van verschillende autofabrieken druk doende om te onderzoeken in hoeverre het mogelijk zou zijn om wegvoertuigen te construeren die zichzelf kunnen voortbewegen zonder dat rollende wielen hierbij een noodzakelijke dragende en richtinggevende functie moeten vervullen.”

Als een hovercraft

Juist, auto’s zonder wielen dus. Welk probleem die moesten oplossen? Hè, stel nou niet van die lastige vragen! Redacteur Bouvy gaat wel in op de oplossingen voor de problemen die ontstaan als je de wielen weglaat: “Ford-constructeur Andrew Kucher wil een voertuig laten ‘glijden’ over een luchtfilm en de wagen door samengeperste lucht van de grond tillen.” In 1958 was de hovercraft nog niet verder dan in een vroegexperimenteel stadium, dus gaf Bouvy huis-tuin-en-keukenuitleg: “Men neme een rond schoteltje van een theekopje en legge dit ondersteboven op een gladde tafel. In de bodem van het schoteltje is een slang aangebracht waardoor lucht onder het holle schoteltje geblazen kan worden. Het is nu simpel om het schoteltje door middel van lucht van de tafel te tillen.”

Zwevend boven het wegdek

Kucher noemde dit type luchtkussens ‘levapads’. Met een levapad op iedere hoek van de auto moest die gemakkelijk 2,5 cm boven het wegdek kunnen worden getild, en zo bijna wrijvingsloos kunnen zweven. “Nu nog een reactiemotor voor de aandrijving en ‘klaar is Kees’, zou men denken”, schrijft Bouvy. Maar ‘men’ zit er naast: “Niets is minder waar”.
Zo’n op lucht drijvende auto moet namelijk bestuurd kunnen worden. Kucher dacht aan een geleiderail. Die had voordelen: “Voor een hangende monorail zouden snelheden van 300 mijl/ uur niets bijzonders zijn”. En nadelen: “Wij zijn tegenwoordig meer ingesteld op vervoermiddelen welke geen geleidingsinrichting nodig hebben.”

Er waren ook andere ideeën: “Carl Reynolds uit Detroit wil een voertuig bij de hoekpunten optillen met naar beneden gerichte straalmotoren.” Dat moet mogelijk zijn, dacht Bouvy, al zag hij ook een hele reeks problemen. Maar: “Wie kan er op dit tijdstip zeggen of deze gedachte in de toekomst niet in uitvoerbare vorm zal kunnen worden verwezenlijkt?”

Het is zeker de moeite waard om het artikel uit de AMT van 1958 nog eens geheel te lezen. Dat kun je hier als PDF downloaden.

Reageer op dit artikel