artikel

Techniek van toen: AMT test aftermarket oliefilters in 1987

Techniek 2718

Een oliefilter is een oliefilter, toch? Niet dus, ontdekten we bij een grote oliefiltertest in AMT 10 van 1987. Nou ja, ‘we’: eigenlijk komt de eer toe aan twee studenten van HAN Automotive (toen nog HTS Autotechniek), Adriaan Hartman en Wim Kerseboom.

Techniek van toen: AMT test aftermarket oliefilters in 1987
Dit filter van AC-Delco was geen hoogvlieger.

Ze gingen te werk volgens een bestaande testprocedure op een testbank. Daarbij werd een oliestroom door het filter gevoerd, waaraan met vaste tussenpozen een hoeveelheid vuil werd toegevoegd. Daardoor raakt het filter na verloop van tijd verstopt, zodat de overdrukklep opent. Voor die tijd werd een monster van de gefilterde olie genomen.

Hartman en Kerseboom gingen uit van het filter op een toen veel voorkomende motor, de 1.3 uit de toenmalige VW Golf. Allereerst maten ze de olietemperatuur en -druk onder normale rijomstandigheden bij een regulier toerental. Die pasten ze toe op de testbank.

VW filter van drie verschillende fabrikanten

Uiteraard gebruikten ze de voorgeschreven olie en ook het toegevoegde vuil was nauwkeurig gedefinieerd. Zo konden ze exact bepalen welke grootte van deeltjes wel en welke niet of minder gefilterd werden. Daarna kochten ze drie stuks van alle typen oliefilters die in de aftermarket beschikbaar waren, inclusief het originele VW-filter. Nou ja, hét originele filter bestond niet.

De studenten ontdekten dat het originele filter van drie verschillende fabrikanten afkomstig kon zijn. Wel waren de meetresultaten van deze originele filters nagenoeg gelijk. Voor hun metingen namen ze het gemiddelde van die resultaten om daar de negen verschillende overige aftermarket filters mee te vergelijken. Enkele daarvan vielen lelijk door de mand. Allereerst de druk waarbij de overdrukklep opent.

Aftermarket beter dan het origineel?

Bij enkele filters was die nauwelijks de helft van het origineel. En hoe lager die druk, hoe langer de klep na een koude start openstaat en de olie dus ongefilterd blijft. Zo’n lage openingsdruk beperkt ook het vuilbevattend vermogen van een filter. Zo waren veel filters significant eerder aan vervanging toe dan een origineel. Ook de kwaliteit van de anti-lekklep, die het filter gevuld moet houden als de motor stilstaat, liet bij twee filters te wensen over. Eén filter was in veel opzichten beter dan origineel: dat van Purflux.

Hoe zou het vandaag staan met de kwaliteit van aftermarket filters? Aan slimme studenten die het willen onderzoeken: Hier lees je precies hoe ze dat toen hadden uitgevoerd.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels