artikel

AMT Diagnose Boot Camp 2017: Correcties bij dieselinjectie Delphi

Techniek 299

Het was weer snel schakelen en een lawine aan kennis opdoen bij tien workshops van AMT’s Diagnose Boot Camp 2017. Heel toepasselijk bij de Automotive Campus in Helmond als locatie, broedplaats voor nieuwe autotechniek. Een workshop van Delphi Dieselinjectiesystemen leerde meer over de finesses van dieselinjectie. Hoe regel je de uiterst nauw luisterende dosering om binnen Euro 5 of 6 eisen te blijven?

AMT Diagnose Boot Camp 2017: Correcties bij dieselinjectie Delphi
Jerome Lison legt uit wat er allemaal bij komt kijken om een dieselinjector juist ingesteld te krijgen.

Met al het gedoe over sjoemelsoftware die de uitlaatgasreiniging al of niet aanstuurt, moeten we niet vergeten bij het begin te beginnen. Als de ‘ruwe’ verbrandingsgassen zo schoon mogelijk zijn, hoeft achteraf minder opgeruimd te worden in het uitlaatsysteem. Dat begint met een zo ideaal mogelijke brandstofdosering.

Instructeur Jerome Lison van Delphi legt uit dat bij diesels daarvoor de C2i- of C3i-codes op het inspuitventiel dienen. Dat is de kalibratie van de injector in je handen, tegenover een ideaal exemplaar. Het geeft aan hoe de elektronica dit ventiel moet aansturen om de ideale brandstofdosering te benaderen.

C3i-code van 20 tot 24 karakters

“De fabrikant meet voor elke injector op een aantal punten in het werkgebied de opbrengst. Het resultaat wordt vastgelegd in de code die op de injector afgedrukt staat.”

Zo zien ongecalibreerde echte injectors eruit in vergelijking met de theoretisch verlangde opbrengst. Dat is wat je krijgt als de injector niet is ingeleerd bij de regelsoftware.

Zo zien ongecalibreerde echte injectors eruit in vergelijking met de theoretisch verlangde opbrengst. Dat is wat je krijgt als de injector niet is ingeleerd bij de regelsoftware.

Dat kan een C2i-code zijn van zestien karakters, voor een Euro 3/4 motor. Met meer meetpunten wordt een C3i-code van 20 tot 24 karakters gegenereerd, bij injectoren voor Euro 4/5/6 motortypes.

Tot zeven injecties bij Euro 6

Deze codes heb je nodig om een nieuwe injector in te leren bij de motorsturing. Niet alleen om per cilinder een zo volledig en dus schoon mogelijke verbranding te bereiken, zeker zo belangrijk is dat alle cilinders evenveel arbeid verrichten en de diesel gelijkmatig loopt.

Jerome: “Bij een Euro 6-diesel wordt tot zeven maal per arbeidscyclus ingespoten. Het gaat dus om heel nauwkeurig gedoseerde, kleine hoeveelheden.”

Automatische aanpassing

Met het oog op de kleine doses bij meervoudige injectie is ook de MDP, minimum drive pulse, van belang. Dat is de kleinste opbrengst die de injector kan leveren. Met een klopsensor wordt dat gemeten: geen opbrengst betekent geen verbranding en geen klopsignaal.

Het complete compensatieplaatje; hoeveel microseconde de aansturing met C-code en MDP aangepast moet worden om precies de juiste opbrengst uit het injectieventiel te krijgen.

Het complete compensatieplaatje; hoeveel microseconde de aansturing met C-code en MDP aangepast moet worden om precies de juiste opbrengst uit het injectieventiel te krijgen.

“Elke 300 kilometer is er een automatische softwarematige aanpassing.” Dat gaat dus over het inspuitbegin. “Behalve bij de PSA 2.0 DW10C, ook gebruikt door Ford. Die heeft een closedloopregeling op de voorinjectie.”

Deze voorinjectie wordt in realtime geregeld, tijdens de inspuiting. Dan is compensatie om de zoveel kilometer niet nodig.

“Maar let op”, vervolgt Jerome, “om nauwkeurige dosering te bepalen is de brandstoftemperatuur nodig.” Op de vraag waarom komt snel reactie: als de brandstof opwarmt, zet hij uit en daalt de dichtheid. “Als de brandstoftemperatuursensor stuk is, valt ook de automatische MDP-aanpassing weg.”

Dus als een dieselinjector werkt, wil dat nog helemaal niet zeggen dat de inspuitregeling ook wel goed zal zijn.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels