artikel

Deense vier-in-lijn? (2006-6)

Techniek

In AMT 3/2006 staat de Triumph Rocket III beschreven. De opbouw van deze motor doet me denken aan eerdere lijnmotoren. Naar ik meen zijn die tot 1960 gebouwd in Denemarken. Kunt u daarover meer vertellen?

Deense vier-in-lijn? (2006-6)

Als u 1960 en Denemarken noemt, zal het waarschijnlijk gaan over het merk Nimbus. De ontwerper van deze opmerkelijke viercilinder in lijn was Peder Anders Fisker. In 1919 bouwde de voormalig onderwijzer een bijzondere motorfiets.

De 13 liter tank werd gevormd door een dikke buis die als ruggengraat dienst deed. Er was een volledig ingesloten cardanaandrijving achter een drieversnellingsbak. De cilinders en het bovencarter vormden één gietstuk, uitgevoerd in gietijzer.

Ondercarter en bak waren in aluminium gegoten. De cilinderkop bestond ook uit dit materiaal en er was een bovenliggende nokkenas die door een koningsas werd aangedreven. Deze as deed ook dienst als dynamo. Er werd één hangende inlaatklep en één staande uitlaatklep gebruikt per cilinder, een kop-zijklepper dus.

Zelfs de smering was modern, er was een echte oliepomp in het carter geplaatst, dus geen handpompje.

De 750 cm3 motor leverde 22 pk (16 kW) en maakte een kruissnelheid van 70 tot 90 km/uur mogelijk, ook met zijspan. De krukas had slechts twee hoofdlagers en ging desondanks zo’n 50.000 tot 80.000 km mee voordat een revisie nodig was. Er rijden nu nog zo’n 8000 exemplaren en dat is heel veel voor een oldtimer. Zoals u terecht opmerkt zijn er veel overeenkomsten met de veel grotere en zwaardere Triumph als we even afzien van het aantal cilinders.

Later kreeg de motorfiets als één van de eersten een telescoopvoorvork die pas in 1938 hydraulisch gedempt werd. Achter werd een scharnierende achtervork gebruikt zoals we die ook bij de Triumph aantreffen.

Reageer op dit artikel