artikel

CVT’s met duwband en ketting (2000-01)

Techniek

Bij de oude CVT’s die toepassing vonden in de Dafjes en Volvo 300 serie, werd gebruik gemaakt van riemen tussen de poelies. Het vermogen werd bij deze constructie via trekkracht in de riemen doorgegeven.
Bij de moderne CVT met duwband, de naam zegt het al, wordt het vermogen niet trekkend maar duwend overgebracht. Wat zijn de voordelen van deze duwband-constructie ten opzichte van trekken? Wat zijn de nadelen van deze constructie? Wat is de reden dat door heel veel merken voor deze constructie wordt gekozen?

De getande snaren van de DAF’s kunnen maar een beperkt vermogen overbrengen. In het leerzame en leesbare boekwerkje dat de DAF Owners Club uitgegeven heeft beschrijft J. van der Brugghen de ontwikkeling van 1955 tot en met 1995. Hij zegt: ‘één enkele snaar kan 34 pk overbrengen, twee stuks ongeveer 70 pk’. Meer vermogen zou een grotere, zwaardere en duurdere constructie hebben betekend.

In Van der Brugghen’s boeken ‘Van da Vinci tot Van Doorne’ beschrijft de auteur in boek III de complete geschiedenis van de continu variabele transmissie CVT. Toen Hub van Doorne in 1965 met pensioen ging, begon hij met een klein team onmiddellijk aan de ontwikkeling van een tweede generatie CVT. De ‘rubber V-riem’ moest plaats maken voor een ‘flexibel stalen element in olie’. In die tijd was de Duitse PIV ketting voor een CVT al bekend, al was het zelfs na vele jaren niet gelukt om één van de vele kettinguitvoeringen voor een autotransmissie te gebruiken. Pas recent is Audi met een ketting CVT gekomen.

Hub van Doorne wilde de nadelen van de ketting (lawaai door het polygoon- of veelhoekeffect) voorkomen. In 1969 is het idee geboren om een groot aantal blokjes die aan weerszijden geleid worden door stalen banden als duwband te gebruiken. Het octrooi hierop werd in 1970 verleend. ‘Het geheel lijkt op een locomotief die een aantal wagens duwt die door de rails worden geleid’.

In 1972 wordt van Doorne’s Transmissie VDT opgericht die de ‘Transmatic’ moet gaan produceren. De duw-schakelband bleek lastig te produceren en werd alleen voor kleine vermogens vervaardigd. Na veel geharrewar met geldschieters kwam in 1986 de zaak echt op gang. Fuji, Subaru, Ford en Fiat brachten de transmissie op de markt.

De Formule 1 Williams Renault testen toonden aan dat één enkele duwband een vermogen van 850 pk kan overbrengen. Dat gaf veel fabrikanten vertrouwen en er kwamen steeds meer automodellen met een duwband CVT. Het vertrouwen nam verder toe toen VDT onderdeel werd van het Bosch concern.

De ontwikkelings- en productiekosten van een duwband voor een CVT zijn dermate hoog dat gedurende lange tijd VDT de enige producent was. Er zijn enkele alternatieven, maar die hebben tot de komst van de Audi CVT met ketting geen rol van betekenis gespeeld. We gaan het jaar 2000 in met duwband CVT’s, maar er zullen ongetwijfeld andere CVT’s komen. Daarbij zijn er die geen duwband of ketting hebben, maar wrijvingsrollen.

Reageer op dit artikel