artikel

Representatief vermogen meten (1998-02)

Techniek

Bij het bepalen van het vermogen op een vermogenstestbank is het niet alleen belangrijk om het vermogen zelf te meten, maar moet men ook steeds rekening houden met de omgevingsinvloeden zoals druk, temperatuur en relatieve vochtigheid. Na het uitvoeren van de metingen wordt het resultaat omgerekend naar de standaard omstandigheden van druk en temperatuur. Een bekende formule daarvoor is onder andere te vinden in een DIN-norm. Indien het vermogen echter wordt gemeten volgens de normen van de Europese gemeenschap dient met te werken met andere correctiefactoren, waarbij ook nog eens onderscheid wordt gemaakt tussen benzine-, diesel- en turbodieselmotoren. Van waar het verschil tussen deze formules en hoe komt men er eigenlijk aan, want ik vind geen enkele wetenschappelijke basis terug in deze formules?

De Europese Gemeenschap hanteert de formules die door de International Standards Organisation (ISO 1585) zijn opgesteld. Het gaat hierbij om empirische formules die de werkelijkheid zo dicht mogelijk benaderen.

Als standaard voor de druk wordt 99 kPa, voor de temperatuur wordt 25ºC genomen. Dat is bij de DIN 70020 norm respectievelijk 1013 mbar en 20ºC. Bij de ISO-norm wordt bij de druk uitgegaan van droge lucht bij de DIN-norm geldt de luchtdruk ongeacht de relatieve luchtvochtigheid.

De correctiefactoren dienen ervoor de meetresultaten van testcentra over de hele wereld vergelijkbaar te maken. Deze centra liggen op verschillende hoogten en werken met temperatuurverschillen

Reageer op dit artikel