8 dec 2011

Nieuws

Bijzondere Beru bougietechniek in 3e generatie Audi TFSI


De nieuwste generatie van de Audi TFSI-motor is een technisch hoogstandje. In AMT 12 bespreken we alle technische details, van de bijzondere cilinderkop, tot het thermomanagement en van het uitgekiende smeercircuit tot de directe én indirecte inspuiting. Komen echt alle details aan bod? Nee, niet alle. De bijzondere Beru-bougies komen niet aan de orde. Dat maken we hier goed. Belangrijkste vraag: wat is de functie van het kommetje bovenop de bougie?
001_logistiek-image-AMT30680I01.jpg

Een TFSI-motor, met turbo en directe injectie eist veel meer van zijn bougies dan een traditionele atmosferische IDI-motor. Voor een perfecte ontsteking is een voltage van wel 40.000 Volt nodig, terwijl bij zo’n traditionele motor 20.000 tot 30.000 Volt ook wel volstond. Bovendien is het met een inspuitventiel en vier kleppen erg druk in de cilinderkop, zodat de doorsnede van bougie en penbobine maar heel beperkt kan zijn.

Verbinding met de penbobine

Om aan die eisen en beperkingen het hoofd te kunnen bieden is de isolator van de bougie 8,5 mm langer. Bovenop die isolator zit een kommetje dat voor een perfecte hoogvoltage verbinding met de inwendige veer van de penbobine zorgt. Zo wordt voorkomen dat in die verbinding al vonkvorming optreedt.

Alle ruimte voor het vlamfront

Op de plek waar dat wel moet hebben beide elektrodes een lasergelaste platinatip. Dat edelmetaal beperkt de vonkerosie en dat is goed voor de levensduur. De massa-elektrode heeft een nieuw ontwikkelde spitse punt om het vlamfront zo min mogelijk in de weg te zitten. Ook de dunne centrale elektrode legt het vlamfront geen strobreed in de weg. De centrale elektrode heeft een koperen kern voor een betere warmteafvoer. Kortom, de bougie is in lijn met de rest van de motor: een technisch hoogstandje.

Erwin den Hoed (Redactie AMT)

door Erwin den Hoed 8 dec 2011