AMT.nl - BMW maakt modulaire motoren BMW maakt modulaire motoren

BMW maakt modulaire motoren

donderdag 7 april 2011

Het lijkt niet echt wereldschokkend, dat BMW een topversie xDrive 28i uitbrengt van zijn kleinste suv X1. Eerder klinkt interessant dat er een nieuwe M5 aankomt, die BMW als studiemodel helaas helemaal in Shanghai op een show presenteert. Over die M5 weten we nog weinig, maar de motor in de X1 blijkt te wijzen naar nieuwe aandrijflijnen voor de meeste BMW’s en MINI’s. Daarvoor gaat BMW modulair motoren maken…

BMW maakt modulaire motoren

Eerst even over de M5, die natuurlijk ook in de huidige 5 Serie niet mag ontbreken. De prachtige atmosferische 5.0 V10 die BMW Motorsport speciaal voor de laatste M5 maakte keert niet terug. In plaats daarvan komt een biturbo V8.
Daarover laat BMW verder niets los, alleen de buitenkant van de nieuwe M5 is nu getoond. Onduidelijk blijft of het hier gaat om een turboversie van de (atmosferische) M3 4.0 V8, afgeleid van de V10, of een bewerkte biturbo 4.4 V8 uit de gewone modellen. De M-achtcilinder zal sterker en 25% zuiniger zijn dan de afgeschafte V10.

TwinPower Turbo

Nu is het qua vermogen al geen behelpen met de nieuwe xDrive 28i-aandrijflijn, goed voor 180 kW en 350 Nm. Let wel, uit een 2.0 viercilinder! Dat bereikt BMW met het TwinPower-recept, waarvan voor het eerst sprake was bij de dubbelturbo 3.0 zescilinder diesel, en de 4.4 V8 met twee turbo’s voor de 5 en 7 Serie.
Voor de nieuwe viercilinder is alles uit de kast gehaald. Directe HPI injectie, dubbele VANOS nokkenasverstelling, Valvetronic variabele kleplichthoogte en een twin-scroll turbo. De opbouw van de benzinemotor werd ontleend aan de nieuwste diesels, met aandrijving van nokkenassen en nevenaggregaten aan transmissiezijde.
Ook krijgt de benzinemotor een ‘bedplate’ versterking onderop het motorblok, zoals de viercilinder diesel. Tevens worden de balansassen daarvan overgenomen, zodat de benzine-viercilinder zo trillingsvrij loopt als de zescilinder die hij vervangt.

De belangrijkste elementen van het Twin Power Turbo bouwdoosconcept samen. U ziet de directe inspuiting middenin de cilinder, en hier aan inlaatzijde de Valvetronic/VANOS nokkenassen. Klein foutje: de samensteller plaatste de nokkenasaandrijving hier aan de verkeerde kant, voor- in plaats van achterop. De belangrijkste elementen van het Twin Power Turbo bouwdoosconcept samen. U ziet de directe inspuiting middenin de cilinder, en hier aan inlaatzijde de Valvetronic/VANOS nokkenassen. Klein foutje: de samensteller plaatste de nokkenasaandrijving hier aan de verkeerde kant, voor- in plaats van achterop.

Vooruitziende achttrapsautomaat

Vergeleken met de 3.0 zescilinder van de voorgaande X1 28i heeft de viercilinder iets minder vermogen maar meer koppel, en daardoor een snellere sprint. BMW geeft verder een 16% lager verbruik op, een mooi voorbeeld dus van zuinige downsizing.
Dat verbruiksvoordeel geldt zowel voor de nieuwe handgeschakelde versie, als de automaatversie, tegenover de oude zescilinder die alleen met automaat werd geboden. Over een breed front gaat BMW nu achttrapsautomaten inzetten, waarmee het verbruik van de 28i gelijk uitkomt als bij de handgeschakelde zesbak.
In de voorontwikkeling is men nu bezig met vooruitziende schakeling van die automaat. In eerste instantie door de sturing te koppelen aan de DSC stabiliteitsregeling en de navigatie. Grijpt DSC in wegens gebrekkige grip door regen of vorst, dan past de automaat zijn schakelstrategie aan. Evenzo gaat hij rekening houden met het uit de navigatie af te lezen wegverloop, zodat hij bijvoorbeeld weet wanneer er een bocht vooruit ligt.
In vervolg wil BMW de schakelsturing ook aansluiten op een camerasysteem, dat voor functies als rijbaanbewaking, verkeersbordherkenning en zo meer al ingebouwd wordt. Dan kan de automaat ook reageren op waarneming wat het overige verkeer doet, zoals een afremmende voorligger.

Drie, vier of zes cilinders

Het belang van de TwinPower Turbo viercilinder ligt hierin dat het de eersteling is van een complete nieuwe motorgeneratie. Met zoveel mogelijk (tot 60%) gelijke onderdelen wil BMW een motorserie van drie-, vier- en zescilinders opbouwen, die mede voor MINI gaat dienen.
De bedoeling is één cilindermaat en één cilinderafstand te gebruiken, waarbij ongeveer 500 cc per cilinder de standaard wordt. Dus een 1.5 driepitter, 2.0 vierpitter en 3.0 zespitter. Met alle details zoals directe injectie, turbo’s, VANOS en voor benzinemotoren Valvetronic. En met kettingaandrijving naar de nokkenassen achterop de motor, plus balansassen voor drie- en viercilinders.
Daarbij moeten diesels en benzinemotoren dezelfde aluminium basisblokken krijgen. Ook zou plaatsing in lengte en dwars mogelijk moeten zijn. In Duitsland (München) en het Oostenrijkse Steyr steekt BMW 300 miljoen euro in zijn motorenfabrieken, die dan centraal de motoren voor het hele BMW- en MINI-gamma gaan maken.
Naar hun zeggen kan door gebruik van dit modulaire systeem de ontwikkeling van een nieuw motortype terugverdiend worden in een kwart van de tijd die er nu voor staat.

Zo wordt ‘ie, de nieuwe M5. Een van de verbeteringen is een actief sperdifferentieel, waarin de sperwerking links en rechts apart elektronisch gestuurd wordt om het bochtgedrag te verbeteren.

Peter Fokker (Redactie AMT)



  • |
  • Meer opties

Reageer op dit artikel

Andere code Type de letter- cijfercombinatie over in onderstaand invoerveld *